Dag 2: Trossen los!

Pfoe…. Hier moeten we op vakantie geen gewoonte van maken. Onze digitale haan kraait om 6:30 en dat zegt ons dat het tijd is om ons klaar te maken voor vertrek. De koffie wordt gezet terwijl Eva het laatste proviand inslaat bij de havenwinkel. Terwijl de rest van de haven langzaam ontwaakt en richting de douche loopt ontkoppelen wij de elektra en trekken we de gangway in.

Vandaag staat er een lange tocht voor de boeg want we willen graag naar het eiland Otok Unije en moeten hiervoor de Kvarner Gulf oversteken. Bij dit eiland hebben wij op de app Navily een baai gespot met Mooring Buoys. Dit heeft onze voorkeur aangezien de wind in de nacht van zondag op maandag flink aantrekt en wij niet meteen voor anker willen in de eerste nacht.

Zeilen hijsen

Wanneer we de veiligheid van de haven verlaten gaan de zeilen voor de eerste keer omhoog. Het is even zoeken want de lijnen in de kuip zijn niet gemarkeerd, maar in rap tempo staan beide zeilen. We zetten koers naar een waypoint weg van de kust om wat meer wind te kunnen pakken. De wind staat recht naar onze bestemming en kiezen er daarom voor om 2 ruime windse rakken te maken. Een mijl of 4 uit de kust staat een knoop of 10 wind wat resulteerde in een snelheid van 3 knopen over de grond. Klokslag 10 uur maken wij een gijp en starten we aan het rak naar Unije.

De wind zakt langzaam wat in en rond anderhalf uur later besluiten wij de motor bij te zetten. Dit heeft niet onze voorkeur, maar we hebben geen idee of er laat in de middag nog plekken vrij zijn in de baai naar keuze. De wind trekt in het begin van de middag weer aan en de motor gaat weer uit. We passeren tussen de eilanden Unije en Otok Velesrakane. We zetten een koers aan de wind naar de baai met de Mooring Buoys en vlak voor de kust gaan de zeilen weer omlaag. 

Mooring buoys

Op de motor varen we de baai in en zien alle boeien liggen. Maar hoe de F werkt dit?? Gelukkig vaart er voor ons nog een boot en de bemanning ziet er ervaren uit, tijd om even te spieken hoe zij dit klusje klaren. De pikhaak wordt gepakt en ze tillen de boei zo uit het water maar aan de boei zitten 3 lijnen. Het lijkt ze niet echt veel uit te maken en ze leggen 1 van de lijnen om de kikker aan de voorzijde. De boeien liggen echter ongeveer 10 meter uit elkaar dus er is nooit genoeg ruimte om in de wind te kunnen draaien. Hun buurman schiet ze te hulp en wijst ze op de 3e lijn van de boei. Deze gaat richting de wal en nu weten wij eigenlijk wel genoeg. Eva pakt de pikhaak en na een beetje vissen hebben wij ook 3 lijnen in onze handen. We leggen de lussen van de 2 ankerlijnen om de bakboord en stuurboord kikker en trekken de lijn naar de wal binnen. We liggen nu tenminste een beetje in de juiste positie maar het lijkt nergens op. Onze buren zijn gelukkig nog niet veel verder, maar krijgen wederom hulp van hun buurman die inmiddels maar in het water is gesprongen. Zij moeten hun eigen landvasten door de lussen halen  zodat de boei weer in het water komt te liggen. Wij kopiëren dit gouden idee en dat blijkt een stuk beter te werken. Ook achter trekken wij de lijn binnen tot er een lus in zicht is en leggen ook hier onze eigen landvast aan vast. De reviews zeiden al dat het een lastige plek was om aan te komen en zeker met inmiddels 20 knopen wind.

Tijd om een beetje af te koelen en het zwemplateau wordt voor het eerst in gereedheid gebracht. 5 minuten later zwemmen wij tussen een grote school nieuwsgierige vissen en kunnen wij de onderzijde van de boot bekijken. Een afmeer biertje wordt genuttigd alvorens wij het vaste land nog even opzoeken.

Unije

Met de dinghy varen wij naar de vaste wal waar we deze aan een oude loskade achterlaten. Een wandeling van een kwartier brengt ons boven aan de berg met uitzicht op de baai en ons bootje. Aan de andere kant van de berg ligt het dorpje Unije (gelijknamig aan het eiland) en met verbazing lopen wij door de straatjes die nog geen 2 meter breed zijn en omringd worden door kleine huisjes en tuintjes. Veel van de huizen zijn vervallen en soms staat er alleen nog een ruïne van een aantal stenen.

Het eiland heeft slechts 80 bewoners, een kruidenier, een bakker, een strandbar en een haven inclusief ferry terminal. Bij de lokale bakker laten we ons verassen over wat voor lekkers ze in de vitrine heeft liggen en kiezen 2 bladerdeeghapjes voor onderweg. De lokale kruidenier slaan we ook niet over en kopen daar een ijsje en… een brood… Om ook de laatste ondernemer nog even door deze tijd te helpen, drinken we uiteraard ook een drankje bij de strandbar om de zonsondergang te kunnen bewonderen.

In de schemering zoeken wij onze weg terug naar de dinghy en na een paar minuten staan we weer aan boord van onze witte dame. Ineens komt uit het donker een motorbootje gevaren met de mededeling “40 euros please”. Het blijkt de lokale havenmeester te zijn die zijn ronde doet. De dinghy hijsen we weer aan boord en we nuttigen het bladerdeeghapje met een heerlijk glas ijskoud water. Morgen staat er veel wind op de planning en de dag erop nog veel meer. We bekijken nog wat weerkaarten en zoeken daarna het comfort van onze hut op. Morgen de wekker maar een uurtje later! 

Aanbevolen artikelen

3 reacties

  1. Heb je al een Tatoo trouwens?

    1. Nee wel een zeebonk maar nog geen tatoeage hoor

  2. Wat een mooie trip zeg. Leuk om mee te lezen. Genieten!!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *